12 jun Cor van Breukelen Oud directeur Butrako BV

In ons jubileumjaar 2018 gaan we door het jaar heen personen, bedrijven, producenten, wijnmakers, ex- collega’s en vrienden van LFE de gelegenheid geven om samen met ons even stil te staan bij ons 50 jarige bestaan.

“De Beaujolais Race 1975 met Butrako”.

We gaan terug in de tijd, het woord is aan Cor van Breukelen die in 1975 adjunct directeur bij Butrako Internationale Transporten BV Soest was en later directeur.

Het wagenpark van Butrako Internationaal Transport- en Expeditiebedrijf BV uit Soest bestond uit zo’n 20 Pegaso trekkers met Van Hool opleggers èn –jawel- een DAF 2600 motorwagen met aanhanger. We reden voor eigen klanten naar Italië, Spanje, Frankrijk en soms in opdracht van derden. We hadden ons terrein en simpele kantoor in Soest. Het internationale vervoer was in die tijd sterk onderworpen aan vergunningen. Zo had je dus speciale Franse, Duitse, Oostenrijkse en Spaanse vergunningen. Wij hadden ze gewoon allemaal!..

Begin november dat jaar gonsde het al van de geruchten onder de chauffeurs. Deden wij ook mee aan de Beaujolais Race?.. Want dat was pas iets!.. Van wijn wisten onze chauffeurs overigens niet veel. Bij “Mis-en- bouteille au château” hield het wel op. “Oh, dan waren de flessen toch gevuld op het wijngoed”?..De toevoeging “Domaine” zorgde al voor flinke verwarring! En ervaringen met “afdronk” hadden zij dan weer met bier!

Butrako deed dus ook mee. Chauffeur Jan Verkleij was die week in Frankrijk en zijn DAF 2600 Isotherm combinatie was eigenlijk wel heel geschikt voor dit “evenementje”. In die tijd was een Isotherm wagen best wel iets waar je wat aan had. Je kon zonder te koelen de goederen toch redelijk op temperatuur houden. Jan was dus dè aangewezen chauffeur om deze rit te doen. De DB-59-10 was betrekkelijk jong; 2 1/2 jaar oud en in goede conditie.

Die Beaujolais Race was eigenlijk iets illegaals. Het racen met wijn lokte chauffeurs uit tot roekeloos rijgedrag, maar opdrachtgevers smulden er elk jaar weer van. Wie zou als eerste met de Beaujolais arriveren? In die tijd moesten de wijninkopers zich ook al onderscheiden en om als eerste de Primeur te kunnen aanbieden, deed menigeen wel iets wat eigenlijk niet kon. Heel merkwaardig eigenlijk, maar chauffeurs en transportbedrijven waren hier wel voor te porren. De rijtijdenwet werd vorm gegeven door het zogenaamde leugenboekje, waarin chauffeurs hun best mochten doen de rij- en rusttijden zo te verdraaien dat het de waarheid weliswaar geweld aan deed, maar dat de dienstdoende ambtenaar dat nèt niet kon bewijzen.

Het was de kunst om als een raket naar huis te rijden en de vracht Beaujolais wijnen zonder schade af te leveren op het opgegeven losadres. Een lekkende doos..? kapotte flessen? Je kon het vergeten. Je telde niet meer mee! Er deden heel wat bedrijven mee aan deze race. André Kerstens en Verbunt waren bekende opdrachtgevers voor dit jaarlijkse stukje “uitzonderlijk vervoer”. Maar wij…, wij reden voor La Francaise d’ Exportation uit Loosdrecht. De onderneming zat in een oude boerderij en het rook er altijd een beetje muf…

Er werd op vrijdagochtend vroeg geladen in de buurt van Mâcon. Na het opmaken van de vrachtbrief en de pro forma factuur benodigd aan de Frans-Belgische en de Belgisch Nederlandse grens (!) kon Jan rond 10.00 uur vertrekken. Onder normale omstandigheden was zo’n dikke 900 km toch wel anderhalve dag trappen! Met een vermogen van ruim 200 pk reden die wagens niet zo hard als tegenwoordig. Met 90km per uur in beladen toestand was je al gauw spekkoper.
De controle onderweg op hard rijden was heel stevig. Soms zelfs met helikopters! Dat hadden ze van de Duitsers geleerd, die het elke vrijdagnacht op zaterdag deden.
Jan was aardig in “d’humeur ” om te winnen. De rit ging via Chalon-sur Saône, Dijon, Troyes en dan Reims en via Brussel, Antwerpen naar Breda, zo op huis aan. Mazzel bij de grensovergangen. Met zijn vrachtpapieren in orde en er iets tussen(!) voor de Franse en Belgische douaniers, kon hij flink doorblazen. Midden in de nacht reed hij hele stukken met de lichten uit om snelheidscontroles van bovenaf te vermijden. Het gaspedaal kon echt niet verder omlaag…Inhalen waar het duidelijk niet mocht…; allemaal best wel link, maar in die tijd gebeurde dat wel vaker. Zeker met de weekendrijverboden moest je vóór zaterdagmorgen 07.00 uur toch wel in Nederland zijn.

Jan heeft die dag en nacht geen oog dichtgedaan. Ging “als de brandweer” en belde me op zaterdagmorgen om 4 uur uit bed. “Ja met Jan.., ik sta in Loosdrecht.” …, waarop ik, half slapend, nog vroeg: “alles heel gelaten Jan“? En Jan hàd alles heel gelaten! Hij was, gemeten op snelheid, afstand en tijd het eerste op zijn bestemming aangekomen. Wel een hoog verbruik van diesel, maar ja…. Bij LFE stonden ze wel heel raar te kijken. “Gisteren geladen en nu al in Loosdrecht? Ben je komen vliegen”?…
Als dank zijn er een aantal dozen wijn naar het kantoor van Butrako gekomen, zodat bedrijfsleiding en chauffeurs konden meegenieten van de toch wel heel “bijzondere verrichtingen” van onze chauffeur Jan.

Maandagmorgen daarop kregen we op onze telex butra 54409 een ietwat geïrriteerd bericht van onze douane-expediteur Gaston Schul aan de grensovergang Wernhout- Wuustwezel.. Er waren nogal wat klachten binnengekomen over de DAF2600 van Butrako die personenauto’s inhaalde met zijn lichten uit!..Konden we de chauffeur niet eens aanspreken op zijn gevaarlijke gedrag?



↓